Générateur néerlandais de faux textes aléatoires

Lorem ipsum a généré 44 paragraphes pour vous.
Vous pouvez utiliser ce texte lorem ipsum dans vos maquettes, sites web, design, ebook... Le texte généré aléatoirement est libre de droit.

Le faux texte a bien été copié

hoewel een aardigheid te zeggen het alleruitmuntendste zou zijn, en er een schat van aardigheden mogelijk is, zoo is het evenwel bijzonder opmerkelijk, hoe weinig men er dikwijls op zulk een oogenblik bij de hand heeft.Zoodat de critische hoedeninspecteur gewoonlijk de voldoening heeft eene kleine verlegenheid te weeg te zien gebracht, welke hij met demonischen wellust geniet.

wèl.Maar misbruikt uwe kracht niet.Spot niet, kwelt niet, vernedert niet, dooft niet uit.Geen gevangenhuis, geen tuchtcel, geen schavot, geen kaak, geen draaikooi, geen beesten-spel.Ja, een spel is het, een afschuwelijk wreed spel.Moet gij een spel hebben herstelt het molmend coliséum tot een worstelperk, en hebt ten minste de grootmoedigheid, uw gelijken met hen ten kamp te doen treden.

volgende uur hebt gij geschreven naar een mooi exempel als bijv., zoo gij groot schrijft, het woord wederwaardigheid, opmerkelijk door twee moeilijke W s, zonder aandikken bijna niet goed te krijgen, zevenmaal of indien gij klein schrijft, vijftien maal, achtmaal op, en zevenmaal tusschen de lijn Voorzichtigheid is de moeder der wijsheid bij welke gelegenheid gij in twee regels het lidwoord der hebt overgeslagen, wat tengevolge van de laatste lettergreep van het woord moeder zeer licht gebeuren kon, en eenmaal voorwijzigheid in plaats van voorzichtigheid hebt gezet, welke omstandigheden, zoo ieder op zichzelf als in onderling verband, u eenigszins angstig doen denken aan het uur, waarop de critiek des meesters haar uitspraak zal komen doen.

harte mede in maar ik neem de vrijheid te mogen opmerken, dat ze alleen door menschen van leeftijd, of ten minste door jongelingen geschreven zijn, van wier standpunt gezien, het kinderlijk geluk bijna geen uitzondering toelaat.En zeker, zeker is dat een droevig bewijs voor den treurigen toestand van later dagen.

rekenen vele moeders er naar t schijnt niet op, dat niet alleen de beenen, maar het geheele lichaam groeit, en dat het diensvolgens op goede natuur- en wiskundige gronden te bewijzen is, dat, al kunnen de broekspijpen worden uitgelegd, het overige gedeelte van dat kleedingstuk hetzelfde blijvende, men eene niet zeer aangename bekrompenheid in de circumferentie van het lichaam gewaar wordt, die ook al weer de oorzaak is van menig nieuw kruis, in een dubbelen zin, en van ontelbare scheuren.

ontneemt u het schoone zinnebeeld der moederliefde, dat gij in den pelikaan zaagt, en maakt liever een slaapmuts van zijn onderkaak.Ellendige potsenmaker, straffeloos lasteraar, die zijne beteren bespot.Met een paar knevels en een stok loopt hij om, en speelt den held onder de gevangenen.

steen uit Amsterdam verbrijzelde al die zaligheden, en het gansche plan moest worden uitgesteld onder de voor ons verschrikkelijke gedachte, den geheelen dag in Den Hout te zitten want een fatsoenlijk Amsterdammer komt alleen in Den Hout.De opoffering viel ons moeielijk, en ik verdacht den hupschen Boerhave die niet zooals ik den band des bloeds gevoelde, en daarenboven een onbepaald vertrouwen koesteren moest op de wetenschap, die hij beoefende van den heimelijken wensch, dat mijn liefelijke Nurks, van wien hij zich half bij instinct, half door mijne kwaadsprekendheid, niet veel goeds beloofde, tusschen zaterdagavond en zondagochtend eene kleine ongesteldheid mocht ontwaren, die hem mocht doen besluiten tot een kort briefjen op de eerste schuit enz.

enge, bekrompene hokken, achter die dikke tralies, in die slaafsehe, weerlooze, gedrukte, angstige houding, o een beestenspel is een gevangenis, een oudemannenhuis, een klooster vol uitgeteerde bedelmonniken een hospitaal is het, een bedlam vol stompzinnigen.

menagerie o Gij, heeren der schepping ik weet niet of gij in de 19de eeuw onzer jaartelling, en zoo ver van het paradijs, dien naam nog verdient.maar gij hoort hem zoo gaarne, en zijt er zoo hoovaardig op o gij, heeren der schepping laat u gelden in het 18 dierenrijk, laat u gelden bij al wat slagtanden, klauwen, hoeven en horens heeft.

moreele taxatie die, zoo zij de kinderen niet dadelijk grieft, hun althans menig genoegen onthoudt.Zij ontstaat uit de omstandigheid, dat een mensch van vijfendertig of veertig, een dertig of vijfendertig jaar van zijn vijfde jaar verwijderd is, en in dien tijd machtig veel vergeten kan, en zóó veel, dat hij eigenlijk in t geheel niet meer weet, wat hij dacht, gevoelde, besefte en smaakte toen hij een kind was, en wat niet.

alles duisternis.Let op Wat is dat t Is het glinsteren van twee oogen gloeiende kolen.Hoor toe Dat was de donder niet het was een schor gehuil het diepe geluid van een leeuw die ontwaakt.Hij tilt zich uit zijn hol naar boven.Hij rekt zich uit.

Eigenlijk vroolijke onderwerpen heb ik te geenen tijde door de collega s zien behandelen.Ik zelf heb het nooit verder kunnen brengen dan tot de philosophische beschouwing der Tevredenheid een geluk, t welk gewoonlijk door den jongeling voorbij-, en door den man vruchteloos nagestreefd wordt, en dat den grijsaard uitmuntend te pas zou komen, indien zijne lichaamsgebreken hem nog even veroorloven wilden het te genieten een heel mooi ding die tevredenheid, maar in het volop des kinderlijken geluks vanzelf ingesloten en niet opmerkenswaardig.

opvoeding boven zijn stand had hem, geloof ik, die lompe aanmatiging gegeven en onverstandige ouders hadden hem te vroeg er aan gewend om zijn jong oordeel over een iegelijk, die hun huis bezocht, met toejuiching te zien ontvangen.Van daar dat hij niets had van dien kieschen terughoudenden schroom, die even bang is om te beleedigen als om beleedigd te worden niets van die zachte humaniteit, die men, ondanks alle gezag van spreuken als Ingenuas didicisse fideliter artes etc.

Welnu, er zijn er meer dan men denkt.Het grootworden, hoe schoon en voortreffelijk een uitvinding ook, is de oorzaak veler smarten.Want vooreerst, men steekt lange bloote armen uit de mouwen, groote en den kous uit de broek.Daarbij schaamt men zich dan gewoonlijk dat men nog rijglaarsjes of schoenen met gespen draagt, omdat er altijd eenige voorlijke knapen zijn, die al halve-laarzen hebben, en vroegtijdige juffertjes, die zich op schoenen met lange linten verheffen.

altijd met zijne vingers ergens aan.Ik ken nog iemand die nooit rookt, maar dat is de miserabelste kerel van de wereld. Ik begreep dat ik al vrij veel kans had om, bij eventueel overlijden van dien heer, denzelven in zijn hoogen rang in de schatting van mijn neef op te volgen.

zielen er in samensmolten.Ik beloofde mijnen medischen student wiens naam omdat hij bang voor recensenten-hatelijkheden is, ik heb moeten beloven te zullen verzwijgen, en wien ik daarom voor t gemak Boerhave zal noemen ik beloofde mijnen medischen student, behalve de schatten van de Breezaap, ook nog bloeiende exemplaren van Aristolochia Clematitis, op den weg tusschen Zomerzorg en Velzerend en, daar hij ook eene verzameling van conchiliën er op nahield, stond hij in lichterlaaie verrukking, toen ik hem verzekerde dat op de hoogte der Blauwe Trappen de wijngaardslakken over uw laarzen 22 kruipen of t zoo niets is.

tergen, en een oogenblik zult gij ze in hun kracht zien. Wee onzer, zoo dat waar is Neen, het is eene tooneelvertooning.Zij worden tot acteurs vernederd.Hun woede is die van operahelden, van beleedigde vaders in de vaudeville.

onbegrijpelijk moeielijk schoon ik gaarne beken, dat de een zich daar handiger in gedraagt dan de ander, en ik niet een van de gauwsten ben nu is het onbegrijpelijk moeielijk, onder eene dergelijke critische verklaring omtrent uw hoed, een tamelijk figuur te blijven maken.

baatzucht, maar de deftige wetenschap heeft hen bijeenvergaderd.Zij staan hier niet te kijk, zij staan hier tot uwe onderwijzing.Hunne namen worden in eerbiedig Latijn genoemd.Zwijgend gaat men langs hunne rijen, met al het ontzag, dat men voor de dooden heeft.

spreek niet van het naloopen met hoeden en petten, en van het verschil van gevoelen omtrent het weder, dat tusschen ouders en kinderen dikwijls aanmerkelijk kan uiteenloopen.Ik spreek niet van sommige barbaarsche instellingen, als daar is dat de jongere de kleederen van de oudere moeten afdragen, waardoor het vierde zoontjen een buisje draagt van de kraagjas van mijnheer zijn oudsten broeder van welke kraagjas de beide tusschenbroers respectievelijk een jasje met één kraag en een jas zonder kraag gehad hebben noch van ellendige spreekwoorden, als orakelen door de ouders aangevoerd, en als verachtelijke paradoxen en sophisterijen door het kroost verwenscht, als b.

verschijnsel, dat ik eenvoudig toeschrijf aan de veelheid der inwoners van die hoofdstad.Ik had er voor een paar jaren nog een verren neef.Waar hij nu is, weet ik niet.Ik geloof dat hij naar de West gegaan is.Misschien heeft de een of ander van mijne lezers hem wel brieven meegegeven.

verbeeld mij nog al onder de vlijtigste behoord te hebben maar toch, wanneer mijn vader of moeder mij de eer aandeed van aan mijn ooms en tantes te vertellen dat ik altijd blij was als de vacantie uit was, kwam mijn gansche gemoed tegen dat edel denkbeeld dat mij ondertusschen vrij dweepachtig voorkwam op, en ik heb jaren noodig gehad om zekere angstige schuwheid voor mijn respectieve meesters te leeren overwinnen.

niemand van mijne lezers mij daarom verachten zal, naar de gewoonte van vele menschen, die aan de waarde en het gehalte van genoegens twijfelen, die zij niet in staat zijn te beoordeelen.Mijn neef Nurks behoorde tot dezulken.Het opgemelde plan was met groote opgewondenheid en wederzijdsche goedkeuring gemaakt.

achten zich zóó-zóó, niet ongelukkig, en niet razend gelukkig ook maar zij schikken het goede in hun lot zoo bij elkander, en stapelen het in redevoeringen, die zij op wandelingen en, zoo gij met hen in ééne kamer slaapt, uit ledekanten, vooral na een goed souper, houden, dat zij u in de verzoeking brengen hen te benijden.

natuuronderzoeker, die des zondagsmorgens de kerk verzuimt of naar de vroegpreek is geweest wat ik liever onderstellen wil en om tien uren, half elf, in Den Hout komt, op het Plein of bij den Koekamp de naam is niet welluidend, eenige zwermen feestvierende vogels van den Haarlemmerdijk inhalen, per schuit van zevenen uit Amsterdam vertrokken.

Meergemelde natuuronderzoeker heeft even de Dreef verlaten, om in de verrukking van deze vreemdelingen te deelen, maar gaat nu door een allerliefst laantje, waarin de ochtendzon allergeestigst door t hoog geboomte speelt, op de logementen af.

aanvliegen hij zal zijn nagelen klemmen in zijne lenden hij zal aan hem hangen blijven hij zal hem de blanke slagtanden in den korten rimpeligen nek slaan één oogenblik en hij zal hem afmaken, hem in stukken scheuren en zijnen honger bevredigen.

bloedt mijn hart de Tafel van Werkzaamheden.Schrikkelijke werkzaamheden, wier optelling aan rekenboeken denken doet, en geographieboeken, en wat voor boeken er al meer zijn, wier blaren heen en weer schuiven in den band, wegens de krampachtige aanraking der wanhopige vingers van jeugdige heeren, die maar niet onthouden kunnen hoeveel koeien er jaarlijks aan de Hoornsche markt komen, en hoeveel inwoners en drukkerijen van Enschedé, en Kostersbeelden, en instituten voor schoolonderwijzers Haarlem heeft of niet begrijpen kunnen, hoe zij de 9de som uit de Herhaling der voorgaande Regelen moeten opzetten.

alleen in bedenking aan alle kinderminnende harten, en waag het niet, met zoo weinig ondervinding als Hildebrand de baardelooze Hildebrand, zullen de recensenten zeggen in zoo weinig jaren heeft kunnen opdoen, mijne meening te staven.Om het onderwerp eene wending te geven, en van een andere ramp uit het tranendal der kinderen te spreken, noem ik het wisselen der tanden.

voorste zat zoo vast als een muur.Zes dagen lang verborgt gij uw leed somtijds vergat gij het maar zesmaal daags, midden onder uw spel, bij het genot van de lekkerste krakeling, onder t bewerken van de zoetste ulevel daar stond weer eensklaps voor uw oog, die akelige, allerakeligste dubbelheid Uw eenige troost was, dat de voorman vanzelf wel wat losser zou worden.

schuldeischers geplaagd ondervindt iets van het leed van een kind met meesters aangehaald.Nu, onze goede Hölty zelf kan niet nalaten aan t eind van zijn versje daarmede te dreigen.Daarom wilde ik u verzoeken heb deernis met het lot uwer telgen.

Waarlijk ik houd het er voor, dat de meeste rekenboekmakers afstammelingen van koning Herodes zijn 9 Uit al wat ik tot nog toe in het midden heb gebracht, zal zonneklaar blijken, dat de school de plaats niet is om het kinderlijk gemoed te doen overstroomen van het besef van geluk en genot.

ijselijk als gij een verren neef of halfvergeten vriend overkrijgt, die u vriendschappelijk dringt hem het Leidsch museum te laten zien, en ge moet, terwijl gij liever de bekoorlijken op Rapenburg en Breestraat gadesloegt, met hem op een schoonen voormiddag de eene zaal na de andere doordrentelen, zonder iets te zien dan natuurlijke historie, zonder ergens een knie te buigen en het is er kelderachtig koud Maar zoo het er op aankomt om vreemde dieren te zien ik zie ze liever daar dan hier.

ernst voor uw hoed op te nemen, is wat al te gek.Het met een hé, vindje dat af te laten loopen, verraadt volslagen gemis van tegenwoordigheid van geest.Te repliceeren met een hatelijkheid op des critici eigen hoed, is wat kwajongensachtig.

Edoch het was bestemd, dat hij den zondag van den 15den Juli in den Haarlemmerhout zou doorbrengen. Ha, hoe maakje t, Rob riep ik uit toen hij binnenstapte. Mijn vriend, de student Boerhave, neef. Was het valschheid dat ik hem hartelijk ontving Ik geloof neen.

Indien gij uit dit kleine voorbeeld van mijn hoed het is in t oog loopend hoe dikwijls hoeden tot voorbeelden dienen niet een vrij beslissenden kijk op mijn neef Nurks karakter hebt, dan zal het heele verhaal, dat ik schrijven ga, nutteloos aan u verkwist zijn, lezer, en dan zal ik ook zoo vrij zijn u tot uw straf te houden voor een sprekend evenbeeld en wedergade van dienzelfden Robertus Nurks.

vindt.Ten derde, heeft UEd., geloof ik, te veel boeken over de opvoeding gelezen, om een enkel kind goed op te voeden.Ten vierde, laat gij hem doosjes leeren plakken en nuffige knipsels maken.Ten vijfde zijn er zeven dingen te veel, die hij niet eten mag.

zoudt gij dan het eigenaardige van hunne houding kunnen raden Ze zijn hier als planten in een kelder zij verkwijnen zij zijn in een droevigen staat van ongevoel, een naren dommel verzonken.Zij sterven sinds maanden.Het licht hindert hen.Zij zien er dom, verstompt uit.

gegeven, maar nu rustig in Den Hout een sigaar zittende te rooken ontdekt hij te midden zijner overpeinzingen een kleinen winkelhaak in zijn pantalon, vlak bij de knie.Hij had het zoo haast niet gezien of hij wierp er met veel handigheid zijn zijden zakdoek over, maar te laat om de aanmerking van Nurks te ontgaan, die juist op dit zelfde oogenblik tot ons zei Ik mag wel zoo n maneschijntje.

alles te zamen, en sla dan uw rekenboek op, dat u sart met de 13de som, waarin u, om u of t ware te tantaliseeren, met de grootste koelbloedigheid een mooie voorstelling gedaan wordt van vijf jongens, zegge vijf, die te zamen zouden knikkeren, en waarvan de eene bij den aanvang van t spel bezat 20, zegge 20, knikkers, de tweede 30, de derde 50, de vierde neen, het is niet uit te houden de tranen komen er u bij in de oogen maar daar zit gij, voor nog een geheel uur, en dan nog wel te cijferen.

Waarlijk, lieve dame, die de wereld zoo trouweloos en de mannen zoo wuft vindt la perte des illusions kan op uwe jaren nauwelijks zoo zwaar wegen als la perte des dents op de hunne.Herinnert ge t u nog wel Gij voelde neen, gij voelde toch niet ja, helaas, gij voelde maar al te zeker dat gij een dubbelen tand hadt.

oorspronkelijke is een lief versje van Hölty, die er wel meer lieve gemaakt heeft, waarvan het alleen jammer is, dat zij jeugdige dichters tot zeer onhollandsche vertalingen verleiden ik althans heb er van dit zelfde versje nog een liggen, die beter onder een Neurenburger legprent Knabenspiele zou passen, dan onder de voorstelling van een hoop aardige Hollandsche jongens.

verder pleegde hij mij hetzelfde boevestuk met den uitroep Ik dacht dat er zooveel beau-monde in je menniste Haarlem was en weder vergunde hij mij niet in het midden te brengen, dat de geheele deftige middelstand nog achter onzen rug was, die niet voor een uur later, eerst door de hoogere ambtenaars, en daarna door de haute volée zou worden opgevolgd.

geval hebben zij een nauwgezetten, maar onvriendelijken bezorger gehad, als uit den inhoud van deze weinige bladzijden waarschijnlijk duidelijk worden zal.Inderdaad, ik ken vele menschen, die nog al ophebben met hunne Amsterdamsche neven, vooral als ze tot de Lezers in Felix behooren, of als ze rijtuig houden maar ik heb dikwijls verbaasd gestaan over mijne verregaande koelheid omtrent den persoon van mijn neef Robertus Nurks en niets verschrikkelijker, dan wanneer hij mij zaterdagmiddag per diligence een steen zond met een brief er aan, inhoudende dat hij mits het weer goed bleef en er niet, maar dat kwam er nooit, het een of ander in den weg kwam met mij den dag in den Haarlemmerhout zou komen doorbrengen niet dat ik iets tegen het gemelde bosch heb, maar wel iets tegen ZEd.